Draait jouw bedrijf op volle toeren én veel energie?
Verbruikt jouw onderneming jaarlijks meer dan 50.000 kWh elektriciteit of 25.000 m³ aardgas? Dan ben je in 2026 verplicht om energiebesparende maatregelen te nemen. Deze plicht geldt voor maatregelen met een terugverdientijd van maximaal vijf jaar. Maar hoe zit dat precies en wat moet je regelen? We nemen je stap voor stap mee door de energiebesparingsplicht en geven praktische tips.
Wat houdt de energiebesparingsplicht in 2026 in?
De Nederlandse overheid heeft ambitieuze klimaatdoelen gesteld: de CO2-uitstoot moet in 2030 met 49% zijn verminderd ten opzichte van 1990. Om dit te bereiken, is het essentieel dat bedrijven hun steentje bijdragen aan verduurzaming. Daarom moeten bedrijven alle energiebesparende maatregelen doorvoeren die binnen vijf jaar zijn terugverdiend.
Voldoet jouw bedrijf aan de criteria?
De energiebesparingsplicht is vastgelegd in artikel 2.15 van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Deze plicht geldt voor bedrijven met een jaarlijks energieverbruik van meer dan 50.000 kWh elektriciteit of 25.000 m³ aardgas. Denk hierbij aan diverse sectoren zoals:
- Productiebedrijven
- Kantoren
- Vastgoedondernemingen
- Hotels en horeca
- Detailhandel
- Ondernemers met bedrijfshallen
Ook als je een Omgevingsvergunning milieu hebt of je bedrijfspand een erkend monument is, val je onder deze plicht. Twijfel je over jouw specifieke situatie? De Wetchecker energiebesparing van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) geeft snel uitsluitsel over de wettelijke verplichtingen voor jouw bedrijf of gebouw.
Energielabel C voor kantoorpanden blijft vereist
Sinds 2023 geldt al dat kantoorpanden met een oppervlakte van meer dan 100 m² minimaal energielabel C moeten hebben. Deze eis is onverminderd van kracht in 2026. Voldoet jouw kantoorpand hier niet aan? Dan riskeer je hoge boetes die kunnen oplopen tot wel € 81.000.
Wie is verantwoordelijk?
De verantwoordelijkheid voor energiebesparing ligt bij de ‘drijver van de inrichting’ – oftewel, degene die de bedrijfsactiviteiten uitvoert. Dit betekent dat jij als ondernemer verantwoordelijk bent voor de energiebesparing binnen je bedrijfsvoering. De eigenaar van het pand draagt de verantwoordelijkheid voor de energiebesparing van het gebouw zelf. Ben je zowel eigenaar van het pand als van de onderneming? Dan rusten beide verantwoordelijkheden bij jou.
De informatieplicht energiebesparing: rapporteren in 2026
Als jouw bedrijf onder de energiebesparingsplicht valt, heb je ook een informatieplicht. Dit betekent dat je eens in de vier jaar moet rapporteren welke erkende maatregelen je hebt genomen. Deze rapportage dien je online in via het eLoket van de RVO.
Stappenplan: zo voldoe je aan de energiebesparingsplicht
Om je op weg te helpen, hebben we een praktisch stappenplan opgesteld:
1. bepaal je energieverbruik
Controleer eerst je jaarlijkse elektriciteits- en gasverbruik. Ligt dit boven de 50.000 kWh elektriciteit of 25.000 m³ gas? Dan is de energiebesparingsplicht van toepassing. Ligt je verbruik lager? Dan ben je formeel niet verplicht, maar energie besparen is natuurlijk altijd verstandig voor zowel je portemonnee als het milieu.
2. raadpleeg de erkende maatregelenlijst (eml)
De RVO heeft voor diverse bedrijfstakken een Erkende Maatregelenlijst Energiebesparing (EML) opgesteld. Hierin vind je een overzicht van energiebesparende maatregelen die voor jouw specifieke branche gelden en die een terugverdientijd hebben van vijf jaar of minder. Door deze EML-maatregelen te implementeren, voldoe je direct aan de energiebesparingsplicht. De EML omvat in totaal 19 bedrijfstakken.
3. overweeg alternatieve maatregelen
Het kan zijn dat niet alle EML-maatregelen toepasbaar zijn in jouw situatie. In dat geval moet je op zoek naar alternatieven. Belangrijk is dat ook deze alternatieve maatregelen een terugverdientijd van maximaal vijf jaar hebben en de CO₂-uitstoot verminderen. Vergeet niet de terugverdientijd van alternatieve maatregelen te berekenen en dit goed te documenteren.
4. voer de energiebesparende maatregelen uit
Na de inventarisatie is het tijd voor actie. Dit kan betekenen dat je:
- Alle erkende maatregelen uit de EML voor jouw bedrijfstak implementeert.
- Een combinatie van EML-maatregelen en alternatieve maatregelen toepast.
- Alle energiebesparende maatregelen met een terugverdientijd van vijf jaar of minder doorvoert.
Let op: als je niet alle erkende maatregelen uit de EML toepast, maar wel alternatieven, kan de toezichthouder (meestal de gemeente) beoordelen of je voldoende aan de plicht voldoet.
5. rapporteer je maatregelen via de informatieplicht
Volg het stappenplan van de RVO voor de rapportage van je informatieplicht. Via het eLoket van de RVO dien je in welke energiebesparende maatregelen je hebt genomen. De overheid, vaak de gemeente, controleert vervolgens of je aan je verplichtingen hebt voldaan.
Praktische energiebesparende maatregelen
Veel energiebesparende maatregelen kun je relatief eenvoudig zelf doorvoeren:
- Tijdschakelaars installeren: Bespaar op verwarming, verlichting en apparatuur door deze automatisch uit te schakelen wanneer ze niet nodig zijn.
- Overstappen op LED-verlichting: LED is aanzienlijk energiezuiniger dan traditionele verlichting en heeft een lange levensduur.
- Warmte binnenhouden: Gebruik deurdrangers of verbeter de afdichting van ramen en deuren om warmteverlies te minimaliseren.
Andere, meer ingrijpende maatregelen vereisen vaak professionele hulp:
- Isolatie verbeteren: Denk aan dak-, gevel- en vloerisolatie, maar ook aan hoogrendementsglas voor ramen. Goede isolatie is cruciaal voor het behoud van warmte.
- Ventilatiesysteem aanpassen: Overweeg warmteterugwinning (WTW) systemen of de installatie van klokregelingen om ventilatie efficiënter te maken.
Subsidies en fiscale voordelen in 2026
De overheid stimuleert bedrijven om te investeren in energiebesparing en duurzame energie. Er zijn diverse regelingen beschikbaar:
Energie-investeringsaftrek (eia)
De Energie-Investeringsaftrek (EIA) biedt een aantrekkelijk fiscaal voordeel. Als jouw investering op de energielijst van de RVO staat, kun je 45,5% van de investeringskosten aftrekken van de fiscale winst. Dit levert een aanzienlijk belastingvoordeel op.
Milieu-investeringsaftrek (mia) en vrije afschrijving milieu-investeringen (vamil)
Investeer je in milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen die bijdragen aan klimaat, energiebesparing of de circulaire economie? Dan kun je gebruikmaken van de Milieu-investeringsaftrek (MIA) en de Vrije afschrijving milieu-investeringen (VAMIL). Deze regelingen bieden extra fiscale voordelen.
Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (isde)
De Investeringssubsidie Duurzame Energie en Energiebesparing (ISDE) stimuleert ondernemers om te investeren in duurzame energieopwekking en energiebesparende maatregelen. Voor 2026 is er wederom een aanzienlijk budget beschikbaar. Je kunt hiermee duizenden euro’s besparen op de aanschaf van bijvoorbeeld zonneboilers, warmtepompen en kleinschalige windturbines.
Stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie (SDE++)
De SDE++ is gericht op bedrijven die op grotere schaal duurzame energie produceren of hun CO₂-uitstoot significant willen verminderen door middel van innovatieve technieken.
Energie besparen: altijd een goed idee
Of je nu wel of niet onder de formele energiebesparingsplicht valt, energie besparen is altijd slim. Het is niet alleen goed voor het milieu, maar ook voor je portemonnee. Door je energieverbruik te verminderen, verlaag je je bedrijfskosten en draag je bij aan een duurzamere toekomst. Zelfs als je een kleiner bedrijf hebt en de informatieplicht niet op jou van toepassing is, kun je op eigen initiatief veel winst behalen door te verduurzamen.